A 20 januari 2020

Werkgever moet schadevergoeding betalen voor het weigeren van een beëindigingsvoorstel van een langdurig zieke werknemer

Onlangs oordeelde het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch dat een werkgever een schadevergoeding ter hoogte van de transitievergoeding moet betalen aan een zieke werknemer, ondanks dat de arbeidsovereenkomst van deze werknemer van rechtswege is geëindigd vanwege het bereiken van pensioengerechtigde leeftijd.

De langdurig zieke werknemer, wiens dienstverband slapend werd gehouden, had vóór het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd zijn werkgever in 2017 en in 2019 verzocht het dienstverband te beëindigen onder toekenning van een transitievergoeding. De werkgever weigerde dit beide keren. Enige tijd later deelde werkgever aan werknemer mede dat het dienstverband op korte termijn op grond van de cao zou eindigen vanwege het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd, en werknemer in dat geval geen recht had op een transitievergoeding. Uit de wet blijkt namelijk dat een werknemer waarmee de arbeidsovereenkomst eindigt omdat hij de pensioengerechtigde leeftijd bereikt, geen recht heeft op een transitievergoeding.

De werknemer stapte naar de kantonrechter, maar ook die wees zijn verzoek af. Hij besloot het er niet bij te laten zitten en ging in hoger beroep bij het gerechtshof. Voordat deze oordeelde over de kwestie, nam de Hoge Raad haar prejudiciële beslissing, en deze heeft het gerechtshof in haar oordeel betrokken.

Volgens het gerechtshof had werkgever in het kader van goed werkgeverschap in moeten stemmen met beëindiging van de arbeidsovereenkomst onder toekenning van een transitievergoeding, voordat de werknemer de pensioengerechtigde leeftijd had bereikt. Op 11 juli 2018 is de Wet compensatie transitievergoeding gepubliceerd, waardoor zij wist dat zij aanspraak kon maken op compensatie van de betaalde vergoeding. Als zij had ingestemd met het verzoek van de werknemer, had zij ook aanspraak kunnen maken op compensatie. Dat zij dat nu niet heeft, komt daarom voor haar rekening en risico, aldus het gerechtshof.

Werknemer heeft schade geleden als gevolg van het niet-nakomen van een verplichting die is ontstaan als gevolg van de invoering van de Wet compensatie transitievergoeding in 2018. Werkgever had moeten instemmen met het verzoek dat werknemer in 2019 deed. Werkgever dient het gevorderde bedrag van € 77.000,- bruto, zijnde het bedrag van de aan werknemer verschuldigde transitievergoeding berekend op het moment dat de loondoorbetalingsverplichting van de werkgever eindigde (na 104 weken ziekte), te vergoeden.

Wat verder nog opviel aan deze uitspraak, is dat het gerechtshof niet uitsluit dat werkgever mogelijk toch aanspraak heeft op compensatie van de transitievergoeding door het UWV. Het gerechtshof voegt daar wel aan toe dat dit ter beoordeling van het UWV is.

Wil je meer weten over dit onderwerp? Of wil je graag advies over een andere kwestie Neem dan contact op met:

de helpdesk via info@rechtdirect.nl of via 0493-32 66 88.