A 12 december 2019

Drie maanden langer de tijd om te voldoen aan administratieve verplichtingen WW-premie

Op 1 januari 2020 wijzigt de Wab de systematiek van de WW-premie.

Eén van de voorwaarden waaraan voldaan moet zijn om de lage WW-premie te mogen betalen, is dat er een schriftelijke arbeidsovereenkomst aanwezig moet zijn. Door werkgeversorganisaties is aangegeven dat het niet bij alle werkgevers gebruikelijk is om contracten voor onbepaalde tijd op schrift te stellen. Vaak wordt alleen een bevestiging per brief of e-mail gestuurd dat de overeenkomst voor bepaalde tijd een overeenkomst voor onbepaalde tijd is geworden. Ook voor deze groep geldt dat alsnog een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd moet worden opgemaakt, waaruit blijkt dat aan de voorwaarden voor de lage WW-premie is voldaan.

Werkgeversorganisaties hebben aangegeven dat deze administratieve handeling niet bij alle bedrijven vóór 1 januari 2020 doorgevoerd kan worden. Daarom krijgen bedrijven drie maanden extra de tijd om hieraan te voldoen.

Werkgevers mogen vanaf 1 januari 2020 de lage WW-premie afdragen, ook al is de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd (niet zijnde een oproepovereenkomst), nog niet schriftelijk vastgelegd. In de loonaangifte kan bij ‘schriftelijke arbeidsovereenkomst’ ‘ja’ ingevuld worden. Let wel: dit geldt alleen voor arbeidsovereenkomsten van werknemers die vóór 1 januari 2020 in dienst zijn getreden.

De door beide partijen ondertekende arbeidsovereenkomst dient uiterlijk vóór 1 april 2020 in de loonadministratie aanwezig te zijn. Uit deze overeenkomst of het addendum moet blijken dat de werknemer op 31 december 2019 al voor onbepaalde tijd in dienst is. Doe je dit niet, maar duurt de arbeidsovereenkomst na 1 april wel voort, dan ben je met terugwerkende kracht alsnog de hoge WW-premie vanaf 1 januari 2020 verschuldigd.

Op onze portal kun je hiervoor modellen vinden.

Heb je vragen over de WW-premie of over andere wijzigingen vanaf 1 januari 2020? Neem dan contact op met de helpdesk.